Strengere regels
De afgelopen jaren is het maatschappelijk denken rond buitenlandse adoptie geëvolueerd. Hoewel er talloze kinderen een warme en veilige thuis hebben gevonden bij adoptiegezinnen in Vlaanderen, werd ook een andere realiteit steeds zichtbaarder: die van kinderen waarvan de afkomst en achtergrond onduidelijk bleek te zijn; die toch nog familieleden hadden in hun land van herkomst, terwijl hun dossier daar niet over sprak; die ontvoerd of verhandeld waren over landsgrenzen heen.
Nadat een hele reeks wantoestanden aan het licht was gekomen, besloot de vorige Vlaamse regering de regels te verstrengen en eind 2023 een adoptiepauze in te lassen. De landen waarmee Vlaanderen samenwerkte werden allemaal grondig geëvalueerd. Dat leidde ertoe dat verschillende landen zoals o.a. Haïti, Vietnam, Hongarije en India geschrapt werden van de lijst van mogelijke adoptielanden.
Uitdoofscenario
Die veranderende attitudes zijn ook zichtbaar in het Vlaams parlement. Na een debat begin maart werd het duidelijk dat een meerderheid voorstander is om adopties uit het buitenland stop te zetten. Minister Gennez heeft op basis daarvan gewerkt aan een uitdoofscenario, waarover nu een akkoord is binnen de Vlaamse regering.
Er komt een nieuw adoptiedecreet dat een wettelijk kader creëert voor alle adoptieprocedures. Interlandelijke adopties zullen daaronder niet meer mogelijk zijn. Enkel diegenen met een geschiktheidsvonnis én een concrete match met een kind in een herkomstland zullen hun procedure kunnen afhandelen.
De nieuwe wetgeving zal in de loop van 2027 in voege treden. Tot dan zal de huidige adoptiepauze doorlopen. Dat betekent dat er nog steeds geen nieuwe kandidaten voor interlandelijke adoptie zullen worden uitgenodigd om te starten met voorbereidende sessies.
Binnenlandse adoptie blijft wel nog mogelijk. Er komt ook een eengemaakt voorbereidingstraject voor adoptie- én pleegouders, en er zal extra worden ingezet op nazorg voor geadopteerden en betrokken partijen.
Freya Perdaens, parlementslid N-VA: “"De beslissing om interlandelijke adoptie uit te faseren is geen makkelijke beslissing. Het heeft een gigantische impact op zoveel wensouders. Hoerastemming is misplaatst. Toch duiken er te vaak onregelmatigheden op. Ondanks het feit dat er heel wat succesverhalen bestaan, dwingt de onzekerheid ons tot de keuze om interlandelijke adoptie te laten uitdoven."
Katrien Schryvers, parlementslid cd&v: “Voor cd&v moet het belang van het kind altijd centraal staan. We kennen allemaal mooie verhalen over adopties, maar helaas zijn er ook adopties waar het grondig fout is gelopen. Zo kwamen er de voorbije jaren heel wat schrijnende fouten aan het licht in interlandelijke adoptiedossiers met erg traumatische gevolgen voor de adoptiekinderen én voor hun gezinnen tot gevolg. Daarom heeft de vorige minister van welzijn Crevits beslist om een adoptiepauze in te lassen zolang er geen zekerheid kon geboden worden dat dergelijke wantoestanden niet opnieuw zouden voorvallen. Ondanks alle aanpassingen die er de voorbije jaren zijn gebeurd, blijkt het echter niet mogelijk om met 100 procent zekerheid te garanderen dat een interlandelijke adoptie gebeurt vanuit de drijfveer om het kind de beste kansen en toekomst te geven. En als we die garantie niet hebben, dan is er voor cd&v maar één keuze mogelijk, en dat is de moedige beslissing om te stoppen met interlandelijke adoptie.”
Tina Van Havere, parlementslid Vooruit: “Een warme samenleving is ook een samenleving die kinderen maximaal beschermt. Als er zelfs na strenge screening nog risico’s blijven op misbruik of onduidelijkheid, dan moeten we durven stoppen en tegelijk sterker inzetten op pleegzorg en nazorg.”
“Er zijn nog altijd veel kinderen in Vlaanderen die op zoek zijn naar een warme en veilige plek om in op te groeien. Het zorgen voor een kind van iemand anders is een bewonderenswaardige opdracht – of dat nu tijdelijk is, of permanent. Met deze beslissing sluiten we het hoofdstuk van buitenlandse adoptie af, maar hopen we tegelijkertijd nog meer gezinnen warm te maken om hun hart en huis open te zetten voor een kind in nood. Altijd met één prioriteit voor ogen: de veiligheid en het welzijn van het kind,” besluit Gennez.